Bescherming van gemeenschapsmerken: Uniewijd

27Apr11

Nieuwtje: nationale rechtspraak geldt internationaal. Tenminste, zo besliste het Hof van Justitie en dit enkel met betrekking tot gemeenschapsmerken (het arrest vindt u op www.curia.eu, zaaknummer C-235/09).

Een internationale vervoerder (DHL) maakte gebruik van het teken “Webshipping“. Dit is echter een gemeenschapsmerk van de Franse vervoerder Chronopost. Chronopost daagde DHL voor de Franse rechtbanken en vroeg om deze inbreuken te laten stopzetten. Het Franse Hof van Cassatie meende dat het verbod en de dwangmaatregelen opgelegd door een nationale rechter beperkt waren tot het nationale grondgebied doch stelde hierover een prejudiciële vraag aan het Hof van Justitie.

Het Hof van Justitie oordeelde dat dwangmaatregelen die door een nationale rechter worden opgelegd om (dreigende) inbreuken te doen ophouden dan wel te voorkomen uitwerking kunnen hebben in andere lidstaten. Dit impliceert dat een arrest van het Brusselse Hof van Beroep kan uitgevoerd worden in pakweg Benidorm, doch evenzeer dat rechtspraak uit Thessaloníki uitwerking kan hebben in Zoerle-Parwijs.

Enkele kanttekeningen:

Een eerste punt is dat in bepaalde gevallen de territoriale werking van een verbod en de dwangmaatregelen beperkt zal worden. Vooreerst moet er een gebruik zijn van het gemeenschapsmerk door een derde dat afbreuk doet of kan doen aan de functies van het gemeenschapsmerk. Dit kan bijvoorbeeld tot gevolg hebben dat een gebruik in de ene lidstaat een inbreuk uitmaakt doch in een andere lidstaat omwille van taalkundige redenen geen inbreuk is. Stel dat een vervoerder een gemeenschapsmerk “Onderweg” heeft dan kan er bijvoorbeeld wel een merkinbreuk zijn in Duitsland en de Benelux indien een concurrent de benaming “Unterwegs” zou gebruiken, doch er zal waarschijnlijk geen inbreuk zijn in Griekenland of Italië (u zal de vertaling zelf willen googlen).

Verder oordeelt de nationale rechter of de inbreuken (en dus ook de eventuele dwangmaatregelen) beperkt blijven tot het grondgebied van de betrokken lidstaat of niet.

Tenslotte dient men ook rekening te houden met het feit dat sommige dwangmaatregelen niet bestaan of anders ingevuld worden in andere lidstaten – het is niet omdat in België een dwangsom gebruikelijk is dat zulks in Litouwen evenzeer het geval is.

Het Hof van Justitie heeft hierbij wel geoordeeld dat in een dergelijk geval de rechtbanken van de lidstaten er voor dienen te zorgen dat het oorspronkelijk opgelegde verbod op equivalente wijze wordt gewaarborgd.

(noot: deze blogpost is een gastblog van Mr. E. Langerwerf)

Advertenties


%d bloggers liken dit: