Domeinnamen

27Jan10

Voor domeinnamen geldt het principe “wie het eerst komt, het eerst maalt”. Bijgevolg kan de titularis van een oude handelsnaam zich niet verzetten tegen de domeinnaamregistratie door de houder van een identieke jongere handelsnaam.

Enkel zo een domeinnaamregistratie gebeurt:

  • zonder enig recht of legitiem belang jegens die domeinnaam,
  • en met het doel een derde te schaden of er een ongerechtvaardigd voordeel uit te halen

kan een gerechtelijke procedure worden gestart om de doorhaling of de overdracht van die domeinnaam te bekomen. De juridische basis daarvoor is de domeinnaamwet van 26 juni 2003.

De doelstelling van deze domeinnaamwet is cybersquatting tegen te gaan. Het slachtoffer van cybersquatting kan aldus de domeinnaam waarop hij aanspraak maakt recupereren. Hiervoor wordt enkel het wederrechtelijk registreren van domeinnamen bestraft, wat bijvoorbeeld valt af te leiden uit het feit dat “diegene die de domeinnaam geregistreerd heeft hem te koop aanbiedt aan (…) de houder van de handelsnaam”.

Vallen dus in principe niet onder de werkingssfeer van deze wet: de geschillen tussen partijen die elk op hun manier gerechtigd zijn om dezelfde domeinnaam te registreren, de ene bijvoorbeeld op basis van zijn geslachtsnaam en de andere op basis van zijn handelsmerk.

X., Wet betreffende het wederrechtelijk registreren van domeinnamen. 26 juni 2003, H. Graux, ICRI Leuven, s.d., http://www.internet-observatory.be/internet_observatory/pdf/legislation/cmt/law_be_2003-06-26_cmt_nl.pdf , p. 8 :

De registratie kan dus enkel als wederrechtelijk worden bestempeld indien ze gebeurde met de bedoeling zichzelf op een onrechtmatige manier te verrijken (bijvoorbeeld door de domeinnaam voor een excessief bedrag te verkopen) of om een derde te schaden (bijvoorbeeld door de domeinnaam te registreren met als enige bedoeling ze uit de handen van een concurrent te houden).”

Advertenties


%d bloggers liken dit: