Verbod gezamenlijk aanbod strijdig met Europese regelgeving

28Dec09

Het Hof van Justitie heeft in zijn arrest van 23 april 2009 geoordeeld dat de Belgische wetgeving inzake het gezamenlijk aanbod, ook wel bekend als koppelverkoop, strijdig is met de Europese Regelgeving, meer bepaald de Richtlijn Oneerlijke Handelspraktijken (2005/29/EG).

Artikel 54 en verder van de Belgische Wet Handelspraktijken van 14 juli 1991 verbiedt, behoudens enige uitzonderingen, een gezamenlijk aanbod “wanneer de al dan niet kosteloze verkrijging van producten, diensten, alle andere voordelen, of titels waarmee men die kan verwerven, gebonden is aan de verkrijging van andere zelfs gelijke producten of diensten.

Artikel 4 van de Richtlijn Oneerlijke Handelspraktijken legt de lidstaten echter het verbod op om strengere maatregelen van consumentenbescherming vast te stellen of te behouden dan hetgeen deze richtlijn voorziet, zelfs wanneer zulke maatregelen een hoger niveau van consumentenbescherming beogen.

Het Hof van Justitie was in voormeld arrest van oordeel dat deze richtlijn er zich bijgevolg tegen verzet dat nationale regelingen “behoudens bepaalde uitzonderingen, elk gezamenlijk aanbod van een verkoper aan een consument” verbieden.

Het Hof stelt niet dat koppelverkoop nu in alle omstandigheden toegelaten is. Een gezamenlijk aanbod kan nog steeds worden verboden zo dit strijdig is met de algemene bepalingen inzake oneerlijke handelspraktijken, zoals misleidende reclame en misbruik van machtspositie.

Te verwachten valt dat de Belgische wetgeving m.b.t. het gezamenlijk aanbod afgeschaft dan wel gewijzigd zal worden.

De volledige tekst van het arrest is na te lezen op http://curia.europa.eu, zaaknummers C-261/07 en C-299/07.

Advertenties


%d bloggers liken dit: